Terug naar Module

Kennis van (on)gezonde leefstijlen

0% Afgerond
0/51 Stappen
Hoofdstuk 5, Paragraaf 1
Bezig

Leefstijl en kans op chronische aandoeningen

Hoofdstuk Voortgang
0% Afgerond

Stop de eeuwige trek: voorkom metabole ontregeling

‘Als je twee uur na het ontbijt alweer trek hebt, ben je niet de enige. Velen hebben om half elf een stuk ontbijtkoek of een boterham nodig om de lunch te halen. Ze komen de middag niet door zonder een appel, een paar rijstwafels met hagelslag of een mueslireep. En ook in de avond blijft hun maag rommelen; chipje hier, toastje daar. Ik hoor het in mijn praktijk: ‘Dokter, ik kan altijd wel eten, de hele dag door.’ Als je zeven keer dag iets eet of drinkt (anders dan water, thee of koffie zonder) ben je geen uitzondering. De hele dag hongerig zijn voelt niet goed. Velen zijn continu bezig met eten en niet-eten, over wat ze wel willen maar van zichzelf niet mogen eten’.

Auteur: Tamara de Weijer, Gezond aan tafel

Veel chronische aandoeningen hebben een relatie met leefstijl. Voorbeelden zijn diabetisch type 2, hart- en vaatziekten, prikkelbare darmsyndroom en obesitas. Deze aandoeningen hebben dezelfde oorzaak: metabole ontregeling. Elke component van metabole ontregeling zoals veel buikvet, hoge bloeddruk, verhoogde bloedglucose is een risicofactor voor chronische aandoeningen.

Welke aandoening je krijgt, is een kwestie van erfelijke aanleg. De een krijgt ernstig overgewicht, de ander krijgt diabetes type 2,  een volgende ontwikkelt hypertensie of krijgt een hartaanval. Omdat de oorzaak hetzelfde is, is de aanpak in grote lijnen ook hetzelfde: bewegen, gewichtsverlies, gezond eten, stoppen met roken. De leefstijlcoach heeft een taak bij mensen met chronische leefstijl gerelateerde aandoeningen en de preventie daarvan.

Vaak eten, meer honger

Anders dan je zou verwachten, krijg je van vaak eten juist meer honger. De oplossing hiervoor is tamelijk eenvoudig: minder vaak en anders eten dan je gewend bent. Ons lichaam houdt van stabiliteit en evenwicht. Als je eet, neemt de hoeveelheid suiker in je bloed toe. Je lichaam maakt in reactie hierop een hormoon aan (insuline) om de suikerspiegel te verlagen.

Je bloedsuiker stijgt snel als je producten eet die veel suiker en snelle koolhydraten bevatten. Cola, witbrood, fruitsap, e.d. zorgen voor een suikerpiek gevolgd door een stoot insuline. Je lijf wil zo snel mogelijk van het suikeroverschot af; het zet alles op alles om de suiker op te ruimen. De insuline zorgt ervoor dat de hoeveelheid suiker in je bloed snel afneemt. Hierdoor is je suikerspiegel binnen twee uur zo laag dat je lichaam opnieuw vraagt om brandstof. Voor jou voelt dit als honger die je aanzet tot eten. Voor je het weet, eet je de hele dag door. Je begrijpt dat je zo meer energie binnenkrijgt dan je verbruikt en dat je aankomt.

Metabole ontregeling

Als dit jaren duurt en je steeds zwaarder wordt, is de kans groot dat het hormoon insuline de suiker in het bloed niet meer aankan. Je hebt steeds meer insuline nodig om dezelfde hoeveel suiker op te ruimen. Medisch gezien is er dan sprake van metabole ontregeling. Je loopt nu een verhoogd risico op diabetes type 2. Als het je lukt de vicieuze cirkel te doorbreken van pieken, dalen, honger, eten en weer pieken, dan bevrijd je jezelf van je eeuwige trek. Je loopt minder risico op welvaartsziekten. Als je weet dat je suikerspiegel sterk stijgt van suiker, dan ligt de oplossing voor de hand. Door anders te eten, verlos je jezelf van het gevoel elke twee uur te moeten eten. Na een overgangsperiode merk je dat je genoeg hebt aan drie goed verzadigende maaltijden per dag: ontbijt, lunch en avondeten.

Tien beste eetadviezen

1 Eet verse en zo min mogelijk industrieel bewerkte producten waaraan suiker en zout is toegevoegd.

2 Eet veel groente en twee stuks fruit per dag.

3 Eet zo min mogelijk (producten met) suiker.

4 Doe rustig aan met zetmeel en kies altijd de volkorenvariant.

5 Gebruik extra vierge olijfolie.

6 Gebruik noten, pitten, zaden en avocado voor meer verzadiging.

7 Eet één of twee keer per week (vette) vis.

8 Doe rustig aan met vlees, vooral rood en/of bewerkt vlees.

9 Eet voldoende tijdens de maaltijden om tussendoor geen trek te krijgen.

10 Neem de tijd om te eten en ervan te genieten.

Was dit een heldere uitleg ?